Welkom bij Bilcom, het KBO biljart
Log in

Reglementen van het K.B.O. Senioren Biljart

Binnen onze organisatie kennen we de navolgende (spel)reglementen:

REGLEMENT BILJARTCOMMISSIE K.B.O. KRING TILBURG

Artikel 1 Samenstelling Biljartcommissie

1.1 De biljartcommissie bestaat uit een voorzitter, een secretaris, een penningmeester
en wedstrijdleiders voor de competitie en Persoonlijke Kampioenschappen.

1.2 Desgewenst kunnen de in artikel 1.1 genoemde functies gecombineerd worden.

1.3 De commissieleden verdelen in onderling overleg de in artikel 1.1.genoemde functies.

1.4 De commissieleden kunnen zowel door de afdeling als door de biljartcommissie zelf worden voorgedragen.

1.5 De commissieleden worden voor een periode van 3 jaar gekozen door de vergadering van contactpersonen. Telkens na afloop van deze periode kan een commissielid zich weer herkiesbaar stellen.

1.6 De biljartcommissie valt rechtstreeks onder het Bestuur van de KBO kring Tilburg


Artikel 2 De contactpersonen

2.1 Elke afdeling kiest uit haar midden één lid als contactpersoon.

2.2 Alle communicatie tussen de commissie en de afdelingen loopt uitsluitend via de contactpersonen.

2.3 De commissie nodigt jaarlijks alle contactpersonen uit voor de algemene vergadering in de maand juni. Elke afdeling heeft daarbij één stem.

2.4 Alleen de contactpersoon heeft toegang tot deze vergadering, doch bij diens afwezigheid kan men zich door een andere persoon uit die afdeling laten vertegenwoordigen. Dit geldt dan ook ten aanzien van het stemrecht.

2.5 Indien nodig kan de commissie ook tussentijds een vergadering uitschrijven. Dit kan
ook gebeuren indien een meerderheid van de contactpersonen dat wenselijk acht.


Artikel 3 Taken van de commissie

3.1 De commissie organiseert de jaarlijkse onderlinge competitie voor de biljartafdelingen van de KBO kring Tilburg.

3.2 Daarnaast organiseert de commissie ook de Persoonlijke Kampioenschappen. Deelname is uitsluitend voorbehouden aan de verenigingen die deelnemen aan de onderlinge KBO competitie.

3.3 De commissie zal zich inspannen om de goede verhoudingen met en binnen de afdelingen en de zusterverenigingen in stand te houden respectievelijk te vergroten.

3.4 Tevens zal de commissie zoveel als mogelijk de biljartsport onder de senioren promoten.


Artikel 4 Deelnemers onderlinge competitie

4.1 Deelnemers aan de competitie dienen lid te zijn van de biljartafdeling, waarvoor ze in de competitie uitkomen.

4.2 Tevens dient de deelnemer lid te zijn van de KBO.

4.3 Deelnemers dienen de intentie te hebben om daadwerkelijk actief te gaan deelnemen aan de competitie. Indien een deelnemer, om welke reden dan ook, minder dan 6 wedstrijden heeft gespeeld dan geldt als aanvangslimiet voor het nieuwe seizoen de aanvangslimiet van het vorige seizoen. In alle andere gevallen geldt voor het nieuwe seizoen de eindlimiet van het vorige seizoen.


Artikel 5 Indeling in klassen en teams

5.1 Er wordt gespeeld in zoveel klassen als noodzakelijk is om de aangemelde teams te plaatsen.

5.2 De ondergrenzen zijn afhankelijk van het aantal klassen waarin gespeeld wordt en gelden ook voor de invallers in die klasse.

5.3 Indien gespeeld wordt in 5 klassen dan gelden onderstaande ondergrenzen:

  • 1e klasse minimaal 45 caramboles
  • 2e klasse minimaal 35 caramboles
  • 3e klasse minimaal 30 caramboles
  • 4e klasse minimaal 20 caramboles
  • 5e klasse minimaal 13 caramboles


5.4 Indien gespeeld wordt in 4 klassen dan gelden onderstaande ondergrenzen:

  • 1e klasse minimaal 43 caramboles
  • 2e klasse minimaal 32 caramboles
  • 3e klasse minimaal 23 caramboles
  • 4e klasse minimaal 13 caramboles

5.5 In de hoogste klasse (1e klasse) worden per wedstrijd 4 partijen gespeeld.In de overige klassen 5.


5.6 De afdeling stelt de teams samen op basis van en in volgorde van de speelsterkte, zoals deze in de voorgaande KBO-competitie is gebleken. Voor nieuwe spelers stelt de afdeling de speelsterkte zelf zo betrouwbaar mogelijk vast. (Zie hiervoor ook art 6). De teams in de 1e klasse bestaan uit minimaal 4 en in de overige klassen uit minimaal 5 spelers.

5.7 Per afdeling zijn in dezelfde klasse maximaal 2 teams toegestaan. De onderlinge wedstrijden van deze z.g. dubbelteams zullen zoveel mogelijk in de beginweken van een nieuwe competitieronde worden gespeeld.

5.8 Indien 2 teams in dezelfde klasse uitkomen dan kan de afdeling voor die teams in die klasse kiezen voor een andere volgorde van speelsterkte.

5.9 De indeling in klassen geschiedt naar speelsterkte. De speelsterkte per team wordt vastgesteld door de moyennes van de 4 sterkste spelers (in de 1e klasse) resp. van de 5 sterkste spelers ( in de overige klassen) bij elkaar op te tellen. De uitkomst daarvan bepaalt in welke klasse het team wordt ingedeeld. Daarna wordt, indien van toepassing, de ondergrens per speler vastgesteld.

5.10 De competitieleider is bevoegd om, in overleg met de overige leden van de biljartcommissie, van de bepalingen in dit artikel en de hierna volgende artikelen af te wijken.


Artikel 6 Nieuwe spelers

6.1 Nieuwe spelers, die gaan deelnemen aan de competitie, worden bij de wedstrijdleider aangemeld met hun volledige adresgegevens, geboortedatum en telefoonnummer en eventueel een e mail adres.

6.2 Deze spelers worden door de afdeling aangemeld met een voorlopig gemiddelde en worden aangeduid met een X.

6.3 Ook spelers, die eerder deelnamen aan deze competitie, doch langer dan 1 seizoen niet hebben gespeeld, beginnen wederom met een X.

6.4 Nieuwe spelers, die niet minimaal 6 wedstrijden meer in het lopende seizoen kunnen spelen, kunnen pas het volgende seizoen worden aangemeld.

6.5 Indien een nieuwe speler na 3 wedstrijden 20% hoger of lager heeft gespeeld dan het opgegeven gemiddelde, dan wordt vanaf de 4e wedstrijd dit gemiddelde dienovereenkomstig gecorrigeerd. Na 6 gespeelde wedstrijden wordt voor het lopende seizoen de definitieve gemiddelde vastgesteld.

6.6 Spelers met een X, die onverhoopt toch minder dan 6 wedstrijden hebben gespeeld, beginnen het volgend seizoen wederom met een X op basis van de aan het begin van dit seizoen opgegeven gemiddelde. Zij spelen wederom 6 wedstrijden ter vaststelling van het definitieve gemiddelde voor het volgende seizoen.

6.7 Spelers, die van afdeling wisselen, dienen vóór aanvang van de competitie door de nieuwe club te zijn aangemeld. Ze zijn dan voor hun nieuwe club speelgerechtigd.

6.8 Bij verandering van club is de desbetreffende speler voor de nieuwe club pas speelgerechtigd met ingang van het nieuwe seizoen.


Artikel 7 Competitie Wedstrijden

7.1 De wedstrijden beginnen om 13.15 uur.

7.2 De wedstrijden worden gespeeld conform "de SPELREGELAFSPRAKEN BILJARTEN KBO.", en daarop aansluitend de reglementen van de KNBB.

Hiervan mag niet worden afgeweken.

7.3 In principe spelen de spelers met de laagste limiet de 1e partij en de spelers met de hoogste limiet (de z.g. kopmannen)de laatste partij.Indien hier toe redenen aanwezig zijn dan is de teamleider van het thuisspelende team echter bevoegd om hier van af te wijken. De bezoekende vereniging is hieraan gebonden, doch met redelijke wensen dient de thuisspelende vereniging hier zoveel mogelijk rekening mee te houden.

7.4 Het is verboden om spelers in een andere volgorde dan hun speelsterkte aangeeft te laten spelen.


Artikel 8 De invallersregeling.

8.1 Een team dient in principe in haar vaste samenstelling te spelen. Indien dit niet mogelijk is dan gelden binnen de invallers regeling de navolgende 5 mogelijkheden:

  1. Van het vaste team mag maximaal één speler een dubbelpartij spelen. Dat kan iedere speler van dat team zijn. De limietsterkte ten opzichte van de tegenstander dient daarbij zoveel als mogelijk gelijkwaardig te blijven.
  2. Een speler van een team wat in dezelfde klasse uitkomt.
  3. Een speler van een team wat in een lagere klasse uitkomt.
  4. Vervanging door een speler van een team uit een hogere klasse is slechts toegestaan als het moyenne van die invaller maximaal 10% (afgrrond naar boven) hoger is dan van de kopman van het team waarbij de speler invalte)
  5. Invallen in het laagste team is toegestaan voor alle spelers uit het voorlaatste team. De zogenaamde 10% regel is dus hierbij niet van toepassing.

8.2 Per wedstrijd mogen maximaal 2 spelers van voornoemde mogelijkheden (of combinaties daarvan)gebruik maken.

8.3 Indien een team zich niet houdt aan de in dit artikel genoemde regeling dan dient dit uiterlijk 1 maand nadat de desbetreffende wedstrijd is gespeeld schriftelijk bij de wedstrijdleider te worden gemeld. De biljartcommissie zal hierop vervolgens binnen 1 maand oppassende wijze de benodigde maatregelen nemen.


Artikel 9 De Teamleider.

9.1 Indien een wedstrijd niet op de vastgestelde datum kan worden gespeeld overlegt de teamleider dit tijdig met de teamleider van de tegenstander. De in onderling overleg vastgestelde nieuwe datum wordt terstond schriftelijk ter goedkeuring aan de competitieleider medegedeeld.

9.2 De teamleider dient op de hoogte te zijn van de reglementen en spelregels en deze, voor zover van belang, met zijn teamgenoten te communiceren.

9.3 De teamleider zorgt elke wedstrijd voor de teamopstelling en stelt hiervan de betrokken spelers tijdig op de hoogte.

9.4 De teamleider van de thuisspelende vereniging is verantwoordelijk voor de goede gang van zaken tijdens de wedstrijd.

9.5 Na afloop van de wedstrijd tekenen de beide teamleiders het wedstrijdformulier. De teamleider van de uitspelende vereniging ontvangt een kopie van het wedstrijdformulier.

9.6 De uitslag wordt door de teamleider van de thuisspelende vereniging nog diezelfde dag vóór 20.00 uur electronisch doorgegeven. De teamleider van de uitspelende vereniging controleert de uitslag. Indien correctie nodig is dan wordt hiervoor de wedstrijdleider ingeschakeld.


 

Artikel 10 Winnaars competitie

10.1 Het team, dat aan het eind van het seizoen de meeste wedstrijdpunten heeft, is kampioen.

10.2 Elke klasse heeft een kampioen.

10.3 De kampioen van de 1e en 2e klasse spelen 2 wedstrijden tegen elkaar voor een plaats in de finale. Het kampioensteam van de 1e klasse speelt eveneens met 5 spelers.

10.4 De kampioen van de 3e,4e en 5e klasse spelen tegen elke kampioen in deze klassen 1 wedstrijd voor een plaats in de finale.

10.5 De kampioenswedstrijden worden in principe gespeeld door de vaste spelers van het desbetreffende team.

10.6 De winnaars van de onder 10.3 en 10.4 genoemde wedstrijden spelen een finalewedstrijd om de titel Algemeen Kampioen.


Artikel 11 Houding en gedrag

11.1 Afdelingen, teams en spelers dienen zich conform de normale normen en regels, zoals die in het maatschappelijk verkeer gelden, te gedragen.

11.2 Indien de commissie van oordeel is dat er sprake is van afwijkend gedrag dan kan de commissie hiertegen maatregelen treffen. 

11.3 Te nemen maatregelen kunnen o.a. inhouden: waarschuwing, berisping, schorsing, uitsluiting voor de competitie en royement.


Artikel 12 Kleding

12.1 Het dragen van het clubtenue tijdens de competitie en finalewedstrijden PK is verplicht.

12.2 Nieuwe afdelingen, die zich aanmelden, zijn terstond verplicht een clubtenue aan te schaffen


Artikel 13 Onvoorziene situaties

13.1 Er kunnen zich situaties voordoen, waarin deze reglementen niet voorzien of anders geïnterpreteerd kunnen worden.

13.2 In dergelijke gevallen is de commissie bevoegd hierin zelfstandig te beslissen.


SPELREGELAFSPRAKEN BILJARTCOMPETITIE LIBRE BINNEN DE KBO-KRING TILBURG

Begin van de partij. 

  • Begin van de partij.
  • De spelers mogen elk 3 minuten inspelen.
  • De speler van de thuisspelende partij begint met inspelen.
  • De thuisspeler begint en speelt met de witte bal.

Situaties, waarbij de speler moet worden afgeteld

  • touché: het aanraken van een bal, anders dan met de pommerans (b.v. kleding, stropdas, hand, keu)
  • voeten los: tijdens de afstoot dient de speler met minimaal 1 voet kontakt te houden met de grond.
  • verkeerde bal: Indien een speler "dreigt" met de verkeerde bal te gaan spelen, dan wijst de arbiter de speler hierop. Ook de tegenstander mag de speler daarop wijzen.
  • uitgesprongen bal: de bal verlaat het biljart of huppelt op de rand van het biljart en raakt het houtwerk. De tegenstander gaat opnieuw van acquit.
  • bewegende bal: het afstoten van de bal, terwijl nog niet alle ballen geheel tot stilstand zijn gekomen.
  • biljard (ook wel genoemd vuile stoot, tram enz. : De speler stoot duidelijk in een stoot twee ballen tegelijk aan, die (bijna) tegen elkaar liggen en hij stoot daarbij vol op de speelbal.
    Zijn pommerans raakt de speelbal en die raakt tegelijkertijd de 2e bal en duwt die
    in één beweging mee weg. Vaak is dit ook aan het geluid te horen. Deze regel wordt alleen in
    overduidelijke gevallen toegepast.
  • Verboden hoek: Spelers in de 1e klasse spelen met de z.g. "verboden hoek". (Zie hiervoor de aparte instructie van juni 2013).

 

De arbiter beslist.

De arbiter volgt de partij aandachtig en beslist over het spelverloop. Als de speler het niet eens is met de genomen beslissing, dan kan hij aan de arbiter vragen om zijn besluit te heroverwegen. Het is aan de arbiter of hij zijn beslissing wel of niet wijzigt. Het publiek bemoeit zich niet met genomen beslissingen en de arbiter gaat over genomen beslissingen niet verder in discussie.


 

Het annonceren door de arbiter.

Wanneer een beurt van de speler eindigt, kondigt de arbiter het resultaat van die beurt aan. Deze aankondiging begint altijd met het woord 'noteren'. Dit is een soort waarschuwing voor de schrijver en tevens een sein voor de speler dat diens beurt is afgelopen.

Vervolgens noemt de arbiter het aantal gemaakte caramboles, de naam van de speler en dan nogmaals het aantal. Dit ziet er dus als volgt uit:

  • noteren
  • aantal caramboles
  • naam van de speler
  • aantal caramboles

VOORBEELD: noteren, 3 voor de heer van Geel, 3


 

Plaats en taken van de arbiter

De arbiter dient zich zo op te stellen, dat hij 2 belangrijke zaken goed kan vaststellen, namelijk:

  1. Maakt de speler geen fout?
  2. Wordt een geldige carambole gemaakt?

Daarbij dient hij er bij het kiezen van zijn plaats rekening mee te houden dat hij:

  • de speler niet recht in de ogen kijkt
  • niet boven het biljart hangt
  • niet meer beweegt en zeker niet loopt nadat de speler heeft aangelegd
  • de speler bij het lopen niet hindert (doe een stap terug om de speler door te laten)
  • de niet-aan-de-beurt zijnde speler zoveel mogelijk het zicht op het spel laat behouden
  • geen arbiters of spelers van andere tafels hindert


DE VERBODEN HOEK

De verboden hoek is in het leven geroepen om o.a. te voorkomen, dat de ervaren speler de partij "uittikt" doordat de ballen vast in de hoek komen te liggen.

HOE WERKT DAT?

Zodra de beide aanspeelballen (niet de speelbal) in de hoek terecht komen annonceert de arbiter:

ENTREE (= beide aanspeelballen liggen in de hoek)

Als de speler nu een carambole maakt en de beide ballen blijven in de hoek liggen dan annonceert de arbiter:

DEDANS (= de speler mag nu nog 1 carambole in de verboden hoek maken, maar bij het maken van die carambole moet een van de aanspeelballen uit de verboden zone gespeeld worden)

NB: Uiteraard mag de bal weer terug keren in de verboden zone en dan ontstaat de positie ENTREE weer.

RESTÉ DEDANS (beide aanspeelballen zijn in de verboden hoek blijven liggen).

De speler wordt afgeteld.

WAT IS ER VERDER VAN BELANG?

  • A CHEVAL (= 1 aanspeelbal ligt in de verboden zone en de andere niet)
  • Als een aanspeelbal uit de verboden hoek wordt gespeeld en hierna vervolgens weer terugkomt dan begint alles weer opnieuw bij ENTRÉE
  • Als een aanspeelbal half op de lijn ligt dan wordt deze geacht in de verboden hoek te liggen.
  • Als speler A mist en speler B krijgt de aanspeelballen in de verboden hoek dan wordt door de arbiter ook ENTRÉE geannonceerd.

 


Copyright (c) 2007 - 2019 Bilcom. Alle rechten voorbehouden.